Vetten

Van de drie macronutriënten koolhydraten, eiwitten en vetten zijn we wel het meest bang gemaakt voor vetten. Terwijl we er tegelijkertijd wellicht ook het minste van weten.

We worden al op jonge leeftijd gewaarschuwd, let op met vet!

Echter, je lichaam kan niet zonder vetten! In balans met de andere macronutriënten werkt vet juist in je voordeel. Hoe dat zit leg ik uit in dit artikel.

De verhoudingen tussen koolhydraten, eiwitten en vetten zouden als volgt moeten zijn:

  • Koolhydraten 55%
  • Vetten 25-30%
  • Eitwitten 15-20%

Het realiseren van een goede balans tussen koolhydraten, eiwitten en vetten is het belangrijkste element van succes in jouw afval traject.

Deze gelden voor een gezond volwassen persoon met een “normaal” bewegingspatroon. Een normaal bewegingspatroon wil zeggen, iedere dag zeker een half uurtje beweging in de vorm van wandelen, fietsen, huishouden e.d. wel of niet aangevuld met 1 of 2 keer per week sport.

Lichaamsvet is een orgaan dat hormonen aanmaakt.

Bijna al onze organen krijgen opdrachten vanuit onze vetcellen. Ook onze hersenen! Wanneer je weet dat je dus een bepaalde mate van vetmassa nodig hebt om überhaupt te kunnen functioneren ga je misschien met iets meer liefde naar je lijf kijken.

Hoe het komt dat vetmassa gezond voor je is lees je hieronder. Klaar voor de wetenschap? Daar gaan we:

Vet maakt het hormoon leptine aan

Het hormoon leptine laat de hersenen weten hoeveel vet er nog ligt opgeslagen. Wordt het minder, dan krijgen we honger.

Is de vetvoorraad aangevuld, dan geeft dit slimme hormoon het signaal van verzadiging door.

Wanneer leptine ontregeld is wordt het signaal minder goed doorgegeven.

Hoe meer vetmassa je hebt, hoe meer leptine je lichaam aanmaakt. Bij mensen met Obesitas, is de leptine-hormoonspiegel zo hoog dat de ontvangers (hersencellen o.a.) van dat stofje ongevoeliger kunnen worden.

Het verzadigingssignaal wordt dan minder goed doorgegeven. Dan blijf je meer eten, krijg je meer vet en nog meer leptine… Een vicieuze cirkel.

De uitspraak, het zit in de familie komt niet uit de lucht vallen. Of je veel of weinig vet ontwikkeld ligt vast in je genen. Hoe snel je verzadigd raakt maar ook hoe ontvankelijk je bent voor het toegeven aan verleidingen. Het signaal dat je hersenen afgeven wanneer je iets lekkers ziet, allemaal erfelijk.

Een voorbeeld: Twee mensen kijken naar dezelfde verleiding. Donuts!

De een zal na een of een halve genoeg hebben. De ander kan makkelijk een paar donuts op.

De hersenstofjes van de een geven hele andere boodschappen door dan die van de ander.


Dit is erfelijk bepaald en ik wil graag dat je dit heel goed in je opneemt!

Het is een fabel te denken dat hoe minder vet, hoe beter is. Dat klopt niet. Mager is niet altijd beter. Als je weinig vet hebt, maak je weinig van het hormoon leptine aan.

Leptine zorgt voor een heleboel essentiële vrouwelijke processen, vruchtbaarheid, menstruatie. Een gezonde hoeveelheid leptine ervoor dat de ontstekingscellen in ons bloed goed functioneren. Wie te weinig vet heeft, ontwikkelt vaker infecties.

Ieder mens heeft een individueel setpoint: een gewicht waarop het lichaam graag wil blijven. Bij (morbide) obesitas is de hormoonhuishouding zo verstoord dat het veel moeilijker wordt om hierop terug te keren.

Wat is een gezond vetpercentage?

Vrouwen hebben gemiddeld een hoger vetpercentage dan mannen: 25 – 31 procent versus 18 – 25 procent.

Als je als vrouw 65 kilo weegt, draag je dus ongeveer 16 – 20 kilo vet met je mee. Bij een man van 90 kilo gaat het om 16 – 22,5 kilo.

 Vrouwen, % lichaamsvetMannen, % lichaamsvet
Atleten14-206-13
Goede conditie21-2414-17
Normaal/gemiddeld25-3118-25
Overgewicht≥ 32≥ 26

Een goed getrainde atleet heeft een lager vetpercentage en mensen met overgewicht zitten meestal (een stuk) hoger dan het gemiddelde.

We kijken vaak alleen naar onze kilo’s op de weegschaal. Toch is het vetpercentage eigenlijk nog een belangrijker indicator of je overgewicht hebt of niet.

Je BMI is niet zaligmakend. Weeg je 100 kg met een vetpercentage van 24 kan het zomaar zijn dat je BMI volgens de standaard tabellen te hoog is.

Terwijl je helemaal geen overgewicht hebt in vet.

Ook de plek waar het vet vooral zit, heeft invloed op je gezondheid. Onderhuidsvet is vooral cosmetisch een doorn in het oog van veel vrouwen die gering overgewicht hebben.

Het is een ander verhaal wanneer je vetmassa bestaat uit visceraal vet

Dit is het vet dat zich rond je organen en in je buik ophoopt. Orgaanvet geeft een hoger risico op bijvoorbeeld een hoog cholesterolgehalte, diabetes type 2, hart- en vaatziekten en sommige vormen van kanker.

Een bolle buik is dus minder gezond dan dikke billen. Vooral mannen met een “bierbuik” lopen hier een hoger gezondheidsrisico.

Voor vrouwen geldt een verhoogd risico op ongezond orgaanvet als de middelomtrek meer is dan 80 cm en bij mannen zou de omtrek van de taille niet meer moeten zijn dan 94 cm.

Wil je weten of je risico loopt, meet dan je tailleomtrek!

Hoe zit dit bij jou?

Weet jij je vetpercentage? En hoe hoog is jouw visceraal vet? Je kunt dit bij een sportschool laten meten!

Ben jij bang gemaakt voor vet? Ga je het uit de weg? Of maak jij je niet zo druk? Mij hielp het enorm om fabels van feiten te kunnen scheiden. Om meer kennis te hebben over voeding waarmee ik beter begreep wat ik nodig had en wat het voor mijn lichaam deed. Zodat ik dat wat ik at ook in mijn voordeel kon laten werken.

Er is een samenvatting van de drie artikelen: koolhydraten, eiwitten en vetten. Zo heb je alle informatie makkelijk bij elkaar.
Je mag hem gratis aanvragen, ik stuur hem je toe!

Factsheet Macronutriënten

Je houdt vast niet van spam? Ik ook niet! We gaan zorgvuldig met je gegevens om.


ik hoor graag van je, laat je een reactie achter?

Plaats een reactie